10893
Wankele Fuut.
Wankele Fuut.
Zeven uur in de ochtend, via de Javakade naar werk. Enerzijds de stad waar ik niet naar verlang, maar anderzijds ook de kalmte van de eeuwige zondag van afgelegen natuur. Op de brug bij De Zwijger gestaan, water, zonnig, groot passagiersschip.
Later in de ochtend in de Bijenkorf dacht ik aan Musil, “Daarom wordt er tegenwoordig schrikbarend veel gefilosofeerd en détail, zodat eigenlijk alleen de warenhuizen maar overblijven waar men zonder wereldbeschouwing iets kan krijgen, terwijl tegen filosofie en gros een uitgesproken wantrouwen heerst.” Die tussenzin moet geschrapt.
Stille, wat verdrietige dag. Daarnaast gelezen in De Man Zonder Eigenschappen.

In de ochtend, Flevopark, Nesciobrug, Amsterdam-Rijnkanaal, Diemerpark, Nesciobrug, Flevopark. Het Fluitenkruid staat manshoog langs het kanaal, nauwelijks zichtbaar twee weken terug. Heel kort een kikker of een pad horen kwaken. Wind, gebarsten lippen.
In de middag op de Linnaeusstraat, op weg naar de boekhandel, op zoek naar Overpeinzingen van een Eenzame Wandelaar van Rousseau, druk en onaangenaam, niet uit te houden.
